Regelgeving & Recht

Wie betaalt de PFAS-opruiming? De miljardenrekening van sanering

Wie betaalt de PFAS-opruiming? De miljardenrekening van sanering

Bijna 4.000 vervuilde locaties, een EU-rekening van 440 miljard euro en rechtszaken die jaren duren. We onderzoeken wie er uiteindelijk opdraait voor de kosten van PFAS-sanering in Nederland.

De rekening die niemand wil betalen

Stel je voor: in Doetinchem kostte het de gemeente een miljoen euro om 34 gram PFAS uit het grondwater te halen, onder de nieuwe woonwijk Iseldoks op een voormalig brandweerterrein. Vierendertig gram. Dat is minder dan een zakje suiker. Toch moest er een volledige saneringsoperatie aan te pas komen, met gespecialiseerde installaties, dure laboratoriumanalyses en jarenlange monitoring. Dit ene voorbeeld zegt misschien meer over de PFAS-crisis dan alle statistieken bij elkaar: de chemische stoffen zijn zo hardnekkig, zo wijd verspreid en zo moeilijk te verwijderen dat de kosten van opruiming elk redelijk kader overschrijden.

In Nederland zijn inmiddels bijna 4.000 locaties in beeld waar de bodem mogelijk met PFAS verontreinigd is; 576 daarvan hebben hoge prioriteit voor onderzoek. En dat zijn alleen de bekende plekken. De vraag wie de saneringsrekening betaalt, is meer dan een juridische kwestie. Het raakt aan fundamentele vragen over eerlijkheid, aansprakelijkheid en de rol van de overheid als bewaker van de publieke gezondheid.

Hoe groot is het probleem precies?

Cijfers over PFAS-saneringskosten zijn moeilijk te vatten, omdat de omvang van de vervuiling zelf nog steeds in kaart wordt gebracht. Wat we weten, is ronduit alarmerend.

Investico, het Nederlandse platform voor onderzoeksjournalistiek, telde begin 2025 samen met Het Financieele Dagblad en De Groene Amsterdammer 52 locaties waar PFAS uit bodem of grondwater wordt gehaald. Van 28 daarvan zijn de kosten bekend: samen al bijna 70 miljoen euro, dus het werkelijke bedrag ligt hoger. Dat klinkt als veel geld, maar het is een druppel op een gloeiende plaat. De meeste van de bijna 4.000 geregistreerde locaties zijn nog nauwelijks aangepakt. Sommige deskundigen schatten dat de totale saneringsopgave voor Nederland alleen al tientallen miljarden euro's kan bedragen, afhankelijk van de normen die worden gehanteerd en hoe grondig je wilt opruimen.

Op Europees niveau verscheen op 29 januari 2026 een studie in opdracht van de Europese Commissie die de schaal van het probleem in beeld bracht. De conclusie was helder: als het beleid niet verandert, zullen PFAS-vervuiling en de gevolgen ervan Europa tot 2050 ongeveer 440 miljard euro kosten. Dat bedrag omvat niet alleen bodemsanering, maar ook waterzuivering, gezondheidszorgkosten en schade aan ecosystemen. En de onderzoekers beschouwen dit nog als een conservatieve schatting, omdat slechts een beperkt aantal PFAS-varianten is meegenomen.

Nog onheilspellender is het scenario waarbij geen productieverbod komt maar Europa wel strenge water- en bodemnormen handhaaft. Dan kunnen de kosten oplopen tot wel 1,7 biljoen euro, omdat intensieve zuivering dan eindeloos moet doorgaan zonder dat de bron wordt aangepakt.

Schiphol: een casus die alles illustreert

Nergens wordt de wirwar van verantwoordelijkheden zo zichtbaar als bij Schiphol. De luchthaven gebruikte decennialang blusschuim dat PFOS bevatte, een van de meest schadelijke varianten van PFAS. Dat schuim sijpelde in de bodem en verspreidt zich nog steeds. In 2026 zijn er op Schiphol meer dan 100 verdachte locaties, waarvan er nog 73 onderzocht moeten worden.

In januari 2026 dook een nieuwe, ernstige bodemvervuiling op bij de luchthaven. Wie draaide op voor de kosten? De gemeente Amsterdam. Niet de vervuiler, niet de luchthaven als staatsbedrijf dat jarenlang willens en wetens gevaarlijk schuim gebruikte, maar de lokale overheid. SchipholWatch noemde het een situatie waarbij de rekening van een vervuiling die al jaren aanwijsbaar is, wordt doorgeschoven naar de belastingbetaler.

Op Schiphol is in de zomer van 2026 een grondreinigingsinstallatie in gebruik genomen die de vervuilde grond ter plaatse wast. Circa 200.000 ton PFAS-verontreinigde grond lag jarenlang opgeslagen in afgedekte depots op de luchthaven; Schiphol verwacht zo'n 160.000 ton gereinigde grond opnieuw te kunnen gebruiken. Schiphol verwacht tot ver in de jaren 2030 bezig te zijn met onderzoek en sanering. De juridische vraag wie dat allemaal betaalt, is nog altijd niet definitief beantwoord.

Het principe van "de vervuiler betaalt" en de bittere realiteit

In de milieurechtswereld geldt het principe van "de vervuiler betaalt" als een van de pijlers van een eerlijk systeem. De logica is simpel: wie schade veroorzaakt, draagt de kosten van herstel. Het is vastgelegd in Nederlandse wetgeving, in Europese richtlijnen en in internationale verdragen. Op papier is er geen discussie over.

De praktijk is een andere. Investico onderzocht wie er daadwerkelijk betaalt bij de 52 saneringen en concludeerde dat meer dan de helft van de kosten bij de overheid terechtkomt. Dat heeft meerdere oorzaken:

  • Faillissement van de vervuiler. Veel historische PFAS-vervuiling stamt uit de jaren zeventig, tachtig en negentig. De bedrijven die toen de stoffen loosden, bestaan vaak niet meer. Als er geen rechtspersoon is om aansprakelijk te stellen, valt de rekening automatisch toe aan de overheid of de eigenaar van de vervuilde grond.
  • Onduidelijkheid over de bron. PFAS zijn zo wijd verspreid dat het moeilijk te bewijzen is welk bedrijf precies verantwoordelijk is voor welke locatie. Zonder een duidelijke dader is juridische aansprakelijkheidsstelling vrijwel onmogelijk.
  • Gebrek aan overheidsinformatie. Minister Madlener van Infrastructuur en Waterstaat noemde 2032 als het jaar waarin alle bedrijven die PFAS lozen in beeld moeten zijn. Tot die tijd tast de overheid voor een groot deel in het duister.
  • Schikkingsdrang bij politiek gevoelige dossiers. Soms kiezen overheden ervoor om niet te procederen, bijvoorbeeld omdat de verdachte vervuiler een groot werkgever is of omdat een langdurige rechtszaak politiek onwenselijk is.

Chemours en de strijd om aansprakelijkheid

De meest besproken zaak in Nederland is die rondom Chemours, het chemiebedrijf in Dordrecht. Chemours is de opvolger van DuPont en fabriceert al decennialang fluorchemische stoffen zoals PFOA en GenX. Jarenlang werden er PFAS uitgestoten in de lucht, het water en de bodem van de omgeving.

Op 27 september 2023 deed de Rechtbank Rotterdam een baanbrekende uitspraak: Chemours is aansprakelijk voor de milieuschade die omliggende gemeenten leden als gevolg van PFAS-emissies. De rechter oordeelde bovendien dat Chemours en zijn voorganger DuPont onrechtmatig hadden gehandeld in de periode 1984 tot 1998, toen het bedrijf meer wist over de gevaren van PFOA dan het openbaar maakte. Die kennis werd bewust achtergehouden voor de provincie Zuid-Holland en de omliggende gemeenten.

De vier eisende gemeenten, Dordrecht, Papendrecht, Sliedrecht en Molenlanden, wilden in eerste instantie niet schikken. Chemours probeerde de zaak in de zomer van 2023 af te kopen voor "enkele miljoenen euro's", maar stelde als harde voorwaarde dat de gemeenten daarna nooit meer een claim konden indienen, zelfs niet als er later nog meer schade aan het licht zou komen. Dat aanbod werd afgewezen.

Inmiddels wordt er op basis van het tussenvonnis onderhandeld over de hoogte van de schadevergoeding. Omwonenden hebben zich ook verenigd en dienen massaclaims in. De procedures lopen door en de uiteindelijke financiele uitkomst is nog onzeker. Chemours betwist een groot deel van de claims en zegt te werken aan emissiereductie.

3M en de internationale rechtszaken

In de Verenigde Staten liepen al eerder grote schikkingsprocedures. 3M, de fabrikant die als een van de eersten PFAS in grote hoeveelheden produceerde en verkocht, trof in 2023 een schikking van 10,3 miljard dollar met Amerikaanse drinkwaterbedrijven die hun waterbronnen hadden zien vervuilen door PFAS. Kortere tijd later volgde een aanvullende schikking van 450 miljoen dollar met de staat New Jersey.

DuPont en zijn afsplitsingen Chemours en Corteva troffen een vergelijkbare schikking van ruim 1 miljard dollar met drinkwaterbedrijven. In geen van deze gevallen erkenden de bedrijven schuld, maar de schikkingsbedragen spreken een eigen taal.

In Europa liggen de verhoudingen anders. 3M werd in Belgie aansprakelijk gesteld voor PFAS-lozing in de Schelde, en de procedures in Nederland rond Chemours gaan nog verder. Toch lopen de Europese juridische trajecten een stuk trager dan de Amerikaanse, mede omdat de collectieve rechtszaak in de VS al decennia langer ontwikkeld is en grotere class-action-schikkingen mogelijk maakt.

Overzicht: wie betaalt wat?

Partij Rol in de vervuiling Bijdrage aan saneringskosten Juridische status
Chemours (Dordrecht) Producent PFOA/GenX, decennia van uitstoot Aansprakelijk verklaard; schadebedrag nog in procedure Tussenvonnis 2023; onderhandelingen lopen
3M (VS/internationaal) Wereldwijde producent PFAS-stoffen Ca. $10,3 miljard schikking VS drinkwater; separate staatsschikkingen Geschikt (VS); Europese procedures lopen
Schiphol Gebruiker PFOS-blusschuim (luchthaven) Deels zelf; deels doorgeschoven naar gemeente Amsterdam Juridische vraag nog onopgelost
Nederlandse Rijksoverheid Toezichthouder; historisch vergunningverlener SPUK-bodemregeling; vangnetfinancieringen aan gemeenten Geen formele aansprakelijkheid; politieke druk groeit
Gemeenten Eigenaar vervuilde grond of opdrachtgever sanering In meer dan helft van de gevallen de daadwerkelijke betaler Kunnen verhaal halen op vervuiler; slagen daar beperkt in
Particulieren / bedrijven Eigenaar vervuild perceel Dragen kosten van eigen sanering (soms subsidie mogelijk) Verhaalsmogelijkheden beperkt bij historische vervuiling

De tijdlijn van een crisis in slow motion

  1. 1940-1970: PFAS worden op grote schaal geproduceerd en gebruikt in industrie, consumentenproducten en blusschuim. DuPont en 3M weten dat de stoffen zich ophopen in het menselijk lichaam, maar houden dit intern.
  2. 1998-2001: Intern onderzoek bij DuPont wijst op ernstige risico's van PFOA. Informatie wordt niet gedeeld met toezichthouders. Klokkenluiders beginnen intern alarm te slaan.
  3. 2001-2004: In de VS lekt via rechtszaken en journalistiek onderzoek naar buiten dat DuPont al decennialang wist van de gevaren. Eerste juridische procedures worden gestart.
  4. 2017: DuPont en Chemours schikken in de VS voor 671 miljoen dollar met zo'n 3.550 omwonenden van de fabriek in Parkersburg (West Virginia) die ziek werden van PFOA in hun drinkwater. Het bedrag is klein vergeleken met de latere claims.
  5. 2015: DuPont splitst zijn chemische activiteiten af in Chemours. Daarmee verschuift een deel van de historische aansprakelijkheid naar het nieuwe bedrijf, wat later tot juridische strijd leidt over wie precies wat moet betalen.
  6. 2019: Nederland introduceert voorlopig strengere PFAS-normen voor grondverzet, wat de bouwsector op slot gooit. Daarna volgen herzieningen van de normering.
  7. 2021: Vier gemeenten rond Dordrecht, die Chemours en DuPont al in 2018 aansprakelijk stelden, dagvaarden de bedrijven in april. De inhoudelijke zitting volgt in 2023.
  8. 2023 (september): Rechtbank Rotterdam doet tussenvonnis: Chemours is aansprakelijk. Chemours probeert snel te schikken voor "enkele miljoenen". Gemeenten wijzen af.
  9. 2024: In de VS worden de grote schikkingen van 3M ($10,3 miljard) en DuPont ($1,18 miljard) definitief. Precedentwerking voor Europa wordt besproken.
  10. 2025: Nederlandse overheid erkent dat tot 2032 geen volledig beeld bestaat van PFAS-producerende bedrijven. Saneringskosten lopen al op naar tientallen miljoenen bij bekende locaties.
  11. 2026 (januari): Studie in opdracht van de Europese Commissie: PFAS-vervuiling kost Europa tot 2050 zo'n 440 miljard euro. Nederland telt bijna 4.000 mogelijk vervuilde locaties.
  12. 2026: Schiphol neemt in de zomer een grondreinigingsinstallatie in gebruik. Amsterdam draait op voor de sanering van een eigen perceel langs de Ringvaart. Juridische vraag over eindverantwoordelijkheid blijft onopgelost.

Waarom de "vervuiler betaalt"-rekening zo moeilijk te innen is

Er zijn structurele redenen waarom het principe van "de vervuiler betaalt" in de PFAS-context zo slecht werkt. Ten eerste is er het probleem van de verjaarde aansprakelijkheid. Veel PFAS-vervuiling stamt uit een periode waarin de stoffen legaal werden gebruikt en er geen wettelijke normen bestonden. Retroactief aansprakelijk stellen is juridisch uiterst complex.

Ten tweede is er het probleem van de verspreiding. PFAS lossen op in water en verplaatsen zich via grondwaterstromen over grote afstanden. Een locatie die vandaag vervuild blijkt, kan zijn PFAS krijgen van een bron die kilometers verderop ligt, of zelfs uit atmosferische depositie: neerslag die PFAS bevat die ooit ergens zijn uitgestoten. Wie is dan de vervuiler?

Ten derde is er de rol van de overheid als medeverantwoordelijke. De Nederlandse overheid verleende jarenlang vergunningen aan bedrijven die PFAS uitstoten, zonder de gevaren adequaat te beoordelen. Dat maakt het politiek en juridisch moeilijker om bedrijven volledig de rekening te sturen: de overheid wist het ook niet, of keek weg.

De vangnetconstructie van de Rijksoverheid

Om gemeenten niet met enorme saneringsrekeningen achter te laten zonder enige steun, bestaat er de SPUK-bodemregeling (Specifieke Uitkering Bodem). Gemeenten en provincies kunnen hiervoor een uitkering aanvragen om PFAS-onderzoek en -saneringen te bekostigen. Voor 2026 was al voor acht locaties 11,1 miljoen euro aangevraagd.

Dit systeem werkt als een soort collectief verzekeringsfonds voor historische milieuvervuiling, gefinancierd door belastingbetalers. Dat is op zichzelf geen onredelijke constructie, zeker als er simpelweg geen aanwijsbare vervuiler meer is. Maar critici wijzen erop dat bedrijven als Chemours en Schiphol die er nog gewoon zitten en winst maken, niet of nauwelijks bijdragen aan dit fonds, terwijl hun historische uitstoot een groot deel van de aandachtlocaties veroorzaakte.

Wat betekent dit voor jou?

Als belastingbetaler betaal je via gemeenten, provincies en het Rijk mee aan de sanering van PFAS-locaties. Dat is geen hypothetisch risico: het gebeurt al. In Soesterberg ging 22 miljoen euro naar de sanering van de voormalige vliegbasis. In Enschede 11 miljoen voor een verontreinigd terrein met een speelplek. Die rekeningen kwamen uiteindelijk terecht in de publieke begroting.

Als eigenaar van een huis of bedrijfspand op vervuilde grond loop je het risico dat je zelf moet bijdragen aan sanering, ook als je de vervuiler niet bent. Dat hangt af van de situatie: of je verplicht bent te saneren, of je subsidie kunt krijgen en of de vervuiler nog juridisch aansprakelijk te stellen is.

En als inwoner van een gemeente die in rechtszaak gaat met Chemours of een andere vervuiler: juridische procedures kosten jaren en geld, ook als je uiteindelijk gelijk krijgt. De vier gemeenten rond Dordrecht strijden nu al jaren om duidelijkheid over wat Chemours moet betalen. Het tussenvonnis is gewonnen, maar over de definitieve schadevergoeding wordt nog onderhandeld.

De weg vooruit: wie zou moeten betalen?

Juristen, milieueconomen en beleidsmakers zijn het grotendeels eens over de richting. Aansprakelijkheid zou veel strenger moeten worden verankerd, ook voor historische vervuiling. In de VS liet de omvang van de 3M-schikking zien dat grote bedrijven wel degelijk te dwingen zijn om bij te dragen, mits de rechtsgang het toelaat.

In Europa wordt discussie gevoerd over een PFAS-verbod, dat de kosten aanzienlijk zou beperken. Maar zelfs als morgen alle PFAS-productie stopt, blijven de reeds aanwezige stoffen in de bodem en het grondwater voor generaties een probleem. Sanering is dan onontkoombaar en de vraag wie betaalt blijft urgent.

Wat op dit moment ontbreekt is een systematische aanpak waarbij de bedrijven die het meest hebben verdiend aan PFAS-productie en gebruik, ook het grootste deel bijdragen aan de opruimkosten. Of dat via rechtszaken wordt afgedwongen, via een verplicht saneringsfonds of via Europese wetgeving is nog open. Maar de richting is duidelijk: de belastingbetaler mag niet de enige zijn die dit rekent.

€9,95 · eenmalig

Wat is er rond je adres aan PFAS gemeten?

Alle meetpunten van waterschappen, Rijkswaterstaat en provincies binnen 10 km met de gemeten waarden per jaar, de bekende en verdachte PFAS-locaties in de buurt, het Bodemloket-dossier en kaarten. Met bronnen en uitleg wat het voor je betekent.

Rapport aanvragen — €9,95

Direct na betaling te downloaden, binnen een uur ook per e-mail. Gebaseerd op bestaande gegevens; geen nieuwe meting op je perceel.

PFAS-locatie ontdekt?

Deel je informatie zodat anderen het ook kunnen zien.

Melding maken Bekijk de kaart

Verwante artikelen